Bekwaamheidsproeven Inhoud



Tijdens de bekwaamheidsproef wordt letterlijk getest of de ponyruiter voldoende bekwaam is om een springparcours op een veilige, stijlvolle en gecontroleerde manier af te leggen. 

Ieder jaar worden in de winterperiode (voor het zomerseizoen) onder de verantwoordelijkheid van de Provinciale Ponycommissie 3 bekwaamheidsproeven ingericht. Alle deelnemende ruiters of amazones moeten een wedstrijdkaart kunnen voorleggen.

  • Er is een verplichte deelname aan twee proeven. Voor het beoordelingsresultaat mag men de beste twee uitslagen samentellen om het minimum van 55 % te behalen. Bijkomend wordt er 50% vereist op het onderdeel “Uit de mond, uit de rug” voor de beide beste proeven.
  • Er is inzagerecht van de beoordelingsstaten. Deelnemers die onvoldoende halen kunnen flink geholpen worden door bijkomende adviezen mee te geven op de beoordelingsstaat. Goede juryleden trachten hier opvoedend op te treden.
  • 7- jarige ruiters mogen niet deelnemen aan de bekwaamheidsproeven.
  • Bij voorkeur zal één van de bekwaamheidsproeven indoor georganiseerd worden en één outdoor.
  • Minstens één proef moet in de eigen provincie afgelegd worden. Een aanvraag om buiten de provincie deel te nemen wordt gedaan bij de provinciale Ponycommissie.
  • Nadat ze geslaagd zijn in de bekwaamheidsproeven, of het ruiterbrevet B behaald hebben, kunnen ruiters deelnemen aan de springwedstrijden. Springpunten worden toegekend vanaf het begin van het daarop volgend tornooiseizoen.