Afdrukken

Huishoudelijk reglement recreatieve ruiters

Elke vereniging, elke samenkomst van mensen, heeft een absolute noodzaak aan een reglementering teneinde chaotische toestanden, misinterpretaties te voorkomen enerzijds en anderzijds een basis te hebben bij eventuele betwistingen. Dit eveneens teneinde een homogene reglementering én houvast te bekomen voor alle aangesloten leden en clubs, evenals tijdens de diverse manifestaties en activiteiten.

Vermits alle leden dit huishoudelijk reglement moeten kennen en hun lidmaatschap automatisch de erkenning en het respect ervan inhoudt, vindt u het document via bovenstaande link.

U zal merken dat een groot deel ervan gewijd is aan het respect voor het paard en de natuur evenals aan de ruiterdiscipline en wellevendheid. In alle ruiterkringen klaagt men over het gebrek aan respect ten overstaan van het rijdier en de medemens. De Landelijke Rijverenigingen het bijzonder, en de recreatieruiters en –menners in het algemeen, komen per definitie meer in het openbaar dan de anderen. Ook zij moeten representatief zijn voor de ruitersport en het recreatieve paardrijden en -mennen waardig vertegenwoordigen.

De LRV wil hieraan in de toekomst nog meer aandacht besteden en roept al haar leden op om dit reglement nauwgezet na te volgen. Dit is het enige middel om een harmonieuze samenleving te waarborgen tussen ruiters, menners, fietsers, wandelaars en automobilisten.

Dit Huishoudelijk Reglement, opgemaakt te Heverlee op 15 november 2005, treedt onmiddellijk in voege en vernietigt alle vorige edities.

Olivier Teirlijnck            Raf Steegmans                   Denis Teirlynck        

Voorzitter VVR             Directeur LRV                    Voorzitter Pedagogische Commissie VVR

 

1. Doel van de vereniging

  1. De VVR – Vlaamse Vereniging voor Ruitertoerisme – behartigt de recreatieve tak van het paardrijden binnen de Landelijke Rijverenigingen vzw. De VVR heeft als hoofdactiviteit de recreatieve ruitersport in het algemeen, en het paardrijden en mennen in de vrije natuur in het bijzonder, te bevorderen.
  2. De VVR wil het tuchtgevoel, de wellevendheid en de kwaliteit van de vrijetijdsruiters en –menners verhogen, het respect voor natuur bij de recreatieve ruiters en –menners bevorderen, evenals de ruiterdiscipline en de wellevendheid t.o.v. andere weggebruikers en mederecreanten beklemtonen.
  3. De VVR wil bij diverse instanties (internationaal, nationaal, gewest, provincie en gemeente) ijveren om ruiterpaden open te stellen en te vrijwaren voor later.
  4. De VVR wil bij officiële instanties meer druk uitoefenen om, bij het uitstippelen van toeristische wegen, eveneens rekening te houden met de belangen van ruiters en menners.
  5. De VVR wil de bestaande “groene” wegen bekendmaken en beschermen, nieuwe ruiterpaden laten openen en/of verdwenen ruiterpaden laten opzoeken en officialiseren.
  6. De VVR wil eveneens relais, pleisterplaatsen en gastvrije haltes opzoeken en bekendmaken resp. motiveren om de recreatieve ruiters en –menners te ontvangen.
  7. De VVR wil de kwaliteit van de ruiters en menners verhogen en aldus erkenning en gehoor vinden bij het grote publiek, de overheid en de sportinstanties.
  8. De VVR wil – als representatieve en erkende vereniging - een schakel zijn tussen alle recreatieve ruiters, menners en clubs – zowel in binnen- als buitenland – om gezamenlijk druk uit te oefenen om de recreatieve ruitersport te vrijwaren zowel voor heden als toekomst.
  9. De VVR zal rekening houden met, en handelen volgens, het decreet op de niet-professionele sportbeoefenaar (24/7/96), de medisch verantwoorde sportbeoefening (23/3/91), de principes en regels van de democratie, het Europees Verdrag van de Rechten van de Mens, het Internationaal Verdrag betreffende de Rechten van het Kind en de deontologische code ter bestrijding van de mensenhandel die opgesteld werd door de Landelijke Rijverenigingen.

2. Leden

  1. Iedereen, zonder beperking van geslacht, ouderdom, woonplaats, ideologische of politieke overtuiging, kan lid worden van een VVR-v conform de aansluitingsvoorwaarden. De plaatselijke VVR-vereniging is gehouden elk jaar een lijst van al zijn leden en bestuursleden aan de LRV voor te leggen.
  2. De leden storten een jaarlijkse bijdrage. In dit lidgeld is inbegrepen:

het lidmaatschap, bijkomende sportverzekering, maandelijks verenigingsblad, toegang tot alle VVR-diensten en ondersteuning en ervaring van een erkende en representatieve vereniging.

  1. De aanvaarding van het VVR-lidmaatschap houdt het stilzwijgend akkoord in met de Statuten zoals gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad en het Huishoudelijk Reglement. Elk lid bekomt het laatst uitgekomen huishoudelijk reglement en kan, op eenvoudige aanvraag, inzage krijgen in de statuten.
  2. Deelnemers kunnen enkel participeren als alle inschrijvings-, lid- en verzekeringsgelden in orde zijn VOOR het vertrek. Zoniet maakt de ruiter/menner géén deel uit van de VVR, de groep en rijdt of ment hij/zij voor eigen rekening en op eigen risico. Elke verantwoordelijke zal er voor instaan dat ruiters en/of menners die niet in regel zijn, niet deelnemen aan de activiteit of manifestatie.


3. Beheer

  1. De Vlaamse Vereniging voor Ruitertoerisme wordt beheerd door een Nationale VVR-Commissie welke is samengesteld als volgt :
    • de voorzitter LRV
    • de directeur LRV
    • één afgevaardigde van iedere VVR-vereniging met 10 leden of meer
    • de voorzitter van de Pedagogische Commissie
  1. De Nationale VVR-commissie kan eventueel adviseurs uitnodigen. Ook staat het vrij een werkgroep met een beperkte opdracht op te richten. Binnen de Nationale VVR-Commissie wordt een voorzitter gekozen uit de afgevaardigden van de VVR-verenigingen en kan men, onder de leden, een verslaggever aanduiden.
  2. De VVR zetelt in de Raad van Bestuur van de LRV en wordt vertegenwoordigd door de voorzitter van de Nationale VVR-commissie en één door de Nationale VVR-commissie gemandateerd bestuurslid.
  3. De VVR heeft een “Pedagogische Commissie” welke zal instaan voor de vorming van het kaderpersoneel, de opstelling resp. uitreiking van de kaderbrevetten, de opleidingsvoorwaarden en de te geven stof en de praktische uitwerking ervan. De Pedagogische Commissie zal eveneens het VVR-Bestuur adviseren bij eventuele (en hopelijk nooit voorkomende) klachten welke een disciplinaire sanctie als gevolg zou kunnen/moeten hebben. De Pedagogische Commissie wordt gekozen door het Nationale Bestuur onder de gebrevetteerde leden in orde van lidmaatschap. Het zetelt onder het voorzitterschap van de hoogst gediplomeerde, resp. het oudst gebrevetteerde kaderlid voor zoverre deze het voorzitterschap aanvaardt. De Pedagogische Commissie zal bovendien proberen de brevettenwerking officiële erkenning te laten vinden, instaan voor de bijscholing en bijdragen aan de opleiding en vorming van alle VVR-ruiters en –menners voor de Bloso-basisbrevetten, daar waar deze zouden tekort komen aan het recreatieve aspect en zal ijveren om tevens in de officiële “denkcellen” vertegenwoordigd te zijn.
  4. De VVR is aangesloten bij andere representatieve verenigingen teneinde de belangen van haarzelf en de leden optimaal te vertegenwoordigen. Op gebied van het ruitertoerisme is de VVR eveneens lid van de Nationale Vereniging voor Ruitertoerisme (NVVR/ANTE/Hippotour) en werkt in nauw verband samen met de Franstalige zustervereniging FFE, terwijl op ruitervlak de VVR zetelt in de Vlaamse Hippische Sportbond (VHS) teneinde op federaal niveau de nodige contacten te onderhouden en haar representatieve taak te kunnen volbrengen.
  5. Alle leden hebben het recht de jaarlijkse Algemene Vergadering bij te wonen die statutair plaats vindt de tweede dinsdag van oktober (art. 18 tot 27 der Statuten) tenzij door de Raad van Bestuur anders werd medegedeeld.
  6. De VVR neemt deel aan de Algemene Vergadering van de LRV. Namens de VVR-verenigingen zijn er minstens 5 vertegenwoordigers. Wij verwijzen hiervoor naar Hoofdstuk IV “De Algemene Vergadering”, art. 20 van de LRV voor de bepaling van de mandaten en de samenstelling der effectieve leden.
  7. De regionale of lokale VVR-verenigingen kunnen onder de term “Hippoclub” ook een concept vormen welke het jachtrijden, mennen, amazonerijden, lange-afstands-rijden, polo enz. kan inhouden voor zoverre het een recreatieve weergave ervan is.


4. Paarden

  1. Paarden die deelnemen aan de activiteiten moeten uit stallingen komen waar de laatste dertig dagen geen besmettelijke ziekte heeft geheerst. Bij het niet mededelen ervan kan, in geval van besmetting, gesanctioneerd worden en – indien noodzakelijk - rechterlijke vervolging ingesteld worden.
  2. Zo moeten alle paarden die aan de activiteiten deelnemen vrij zijn van besmettelijke ziekten.
  3. Zieke, gekwetste of vermoeide paarden moeten terdege verzorgd worden en kunnen desgevallend door de verantwoordelijke(n) verplicht worden de trektocht of wandeling te stoppen. Hetzelfde geldt voor paarden waarvan het beslag of de staat van de voeten niet toelaat op een diervriendelijke manier aan de tocht deel te nemen resp. de tocht verder te zetten.
  4. Er wordt nooit opgestegen of gemend met paarden die gewond, uitgeput of ziek zijn! Onmiddellijk zal het nodige gedaan worden om de eigenaar of een dierenarts te verwittigen en desgevallend zal de groepsverantwoordelijke of het VVR-kaderpersoneel de verplichting opleggen om de wandeling of trektocht te stoppen.
  5. Alle paarden moeten een passend beslag hebben overeenkomstig het terrein of de indicaties van de gids. Hoe dan ook moeten de hoeven verzorgd en in goede staat zijn zodat het dier er geen pijn of hinder kan van ondervinden. Mocht het paard mank lopen dan zal de ruiter, in het belang van zijn rijdier, zijn tocht of rit onmiddellijk staken.
  6. In geval van betwisting zal een veearts bijgeroepen worden (op kosten van de eigenaar van het desbetreffend paard) wiens diagnose onherroepelijk zal zijn.
  7. Alle paarden van om het even welk ras mogen aan de VVR-activiteiten deel nemen.
  8. Alle rijstijlen mogen gebruikt worden binnen de activiteiten voor zoverre deze geen gevaar opleveren voor paard en ruiter en de mederuiters en –paarden niet storen of ervoor gevaarlijk kunnen zijn.
  9. De af te leggen afstanden moeten in verhouding staan tot de graad van training en de leeftijd van het paard.
  10. De snelheden zullen steeds getemporiseerd worden ttz. een regelmatige afwisseling inhouden van stap/draf/galop. Zo krijgt het paard de gelegenheid om op adem te komen en blijft zowel voor paard als ruiter de activiteit aangenaam.
  11. Bij haltes en overnachtingen zullen eerst de paarden verzorgd worden voordat de ruiters aan zichzelf denken. Elke ruiter of menner – die naam waardig – zal het comfort en welzijn van zijn paard(en) laten voorgaan op zijn persoonlijke organisatie.
  12. Het wederzijds respect van eenieders overtuiging in functie van rijvaardigheidstechnieken en rijstijlen wordt als basisregel vooropgesteld
  13. De paarden die een gevaar zouden kunnen opleveren voor de andere deelnemers worden verplicht een merkteken te dragen:
    • een rode strik op de staartwortel voor de paarden die “slaan”
    • een rode strik op de maanvlecht of –top voor de paarden die “bijten”
    • een witte strik op de staartwortel voor de hengsten

 

5. Verantwoordelijkheden en sancties

  1. Voor alle verantwoordelijkheden welke niet Statutair werden bepaald is onderhavig VVR- Huishoudelijk Reglement van toepassing.
  2. Doping en verdoving allerhande zijn nooit toegelaten en is wettelijk vastgelegd. Een lid dat betrapt wordt op doping of verdoving van paard of ruiter/menner kan – na verhoor door de Raad van Bestuur en advies van de Pedagogische Commissie - door de vereniging uitgesloten worden.
  3. Wreedheden en mishandelingen tegenover de paarden, baldadigheden en dronkenschap, gebruik van drugs welke door de wet verboden zijn, en alle handelingen welke de goede faam, naam en reputatie van de VVR zouden kunnen schaden zullen eveneens – na verhoor door de Raad van Bestuur en advies van de Pedagogische Commissie – een uitsluiting en/of een sanctie tot gevolg kunnen hebben.
  4. De groepsverantwoordelijke of de VVR-kaderleden hebben het recht om elke overtreder aan bijgaand reglement van zijn tocht en/of wandeling uit te sluiten en zullen hierover, binnen de 24 uur, schriftelijk rapport uitbrengen aan de Voorzitter van de VVR welke dan zal oordelen of de Raad van Bestuur en de Pedagogische Commissie moet samenkomen om het geval te bespreken en een eventuele sanctie te treffen welke kan gaan tot de uitsluiting van de vereniging.
  5. Bij alle VVR-tochten, manifestaties en activiteiten zijn de Belgische resp. Federale wetgevingen en decreten van toepassing en elkeen wordt geacht zich hierover te hebben geïnformeerd, deze te kennen, te respecteren en toe te passen. Bij wetsovertredingen rijdt elke ruiter en menner voor eigen rekening.
  6. Bij mishandelingen of grove nalatigheden of fouten ten overstaan van het paard, de mederuiter of -menner, beledigingen ten overstaan van mederuiters en -menners, organisatie, gastheren of kaderleden kan door deze laatsten klacht neergelegd worden bij het VVR-Bestuur. Desgevallend mag de verantwoordelijke desbetreffend persoon verbieden om nog verder deel te nemen in afwachting van het onderzoek en de eventuele sanctie door het VVR-Bestuur.
  7. Sancties kunnen bestaan uit een officiële waarschuwing resp. berisping welke zal geacteerd worden, het verbod om gedurende een bepaalde tijd aan één of meerdere manifestaties en activiteiten deel te nemen tot de uitsluiting uit de vereniging.

 
6. Kledij

  1. De recreatieve ruiter en menner zullen er steeds voor zorgen om – eveneens in zijn eigen rijstijl en voorkomen – representatief te zijn voor zijn vereniging of club. Slordige en onverzorgde kledij dient vermeden te worden.
  2. Bij officiële manifestaties en activiteiten dient een representatieve en nette ruiterkledij gedragen te worden.
  3. Alhoewel niet wettelijk verplicht, is het dragen van een rijhelm ten stelligste aanbevolen. Elk VVR-lid dient een helm te dragen bij de officiële activiteiten. Doet men dit niet, dan zijn de eventuele gevolgen steeds ten laste van de ruiter en de VVR en/of de organisator van de activiteit kunnen nooit aansprakelijk gesteld worden bij ongeval of kwetsuur. Het zal desgevallend aan het oordeel van de respectievelijke verzekeringen overgelaten worden of de verzekerbaarheid in het gedrang komt. Elke ruiter resp. menner rijdt, voor wat de veiligheidsvoorzieningen betreft, altijd voor eigen rekening.

7. Bescherming van de natuur

  1. Vermijd plaatsen met een recreatieve bestemming zoals stranden, speelvijvers, visputten, wandelbossen en fietspaden tenzij dit expliciet is toegelaten.
  2. Ontzie kwetsbare natuurgebieden zoals jonge aanplantingen, landbouwgewas, weiden, tenzij een ruiterpad erdoor loopt.
  3. Verstoor het wild niet, zeker niet in de paartijd, tijdens het broeden, wanneer de jongen ter wereld komen of worden gezoogd.
  4. Hou in het jachtseizoen rekening met de jagers. Het onderhoud van hun jachtgebied is duur en is eveneens te respecteren. Afgezien van de paarden die door de geweerschoten kunnen schrikken met alle gevolgen vandien.
  5. Er wordt nergens papier of afval achtergelaten. Na picknicks en haltes wordt het afval terug meegenomen indien geen vuilbak voorhanden is.
  6. In de bossen zal men enkel vuur maken indien dat op daartoe voorziene plaatsen expliciet is toegelaten. In de bossen wordt niet gerookt, trouwens is roken te paard om veiligheidsredenen steeds uit den boze.
  7. Wettelijk aangegeven private wegen moeten gerespecteerd worden. Iedereen die – zelfs onvrijwillig – door toedoen van de ruiter schade heeft opgelopen, moet vergoed worden.
  8. Huisdieren en grazend vee mogen niet opgeschrikt worden.
  9. Honden die de tocht begeleiden moeten steeds – overeenkomstig de wettelijke bepalingen – aan de leiband worden gehouden. Eventuele ongevallen of problemen als gevolg van het niet naleven van deze regel, zijn steeds ten laste van de eigenaar van het dier. De VVR noch de inrichtende organisatie zal hiervoor aansprakelijk kunnen worden gesteld.
  10. De natuurlijke stilte in een bos zal geëerbiedigd worden, bosaanplantingen en bomen zullen niet beschadigd worden. Bij haltes zal steeds een bindlijn tussen de bomen worden getrokken zodat de paarden de wortels, de takken en de boomschors niet kunnen beschadigen. Indien dit wel het geval is zal de schade voor rekening zijn van de eigenaar of de gebruiker van het desbetreffend paard.


8. Wellevendheid

  1. Op terreinen waar ruiterpaden zijn aangeduid is men verplicht deze te volgen. Zo niet is het verkeersreglement van toepassing.
  2. Vermijd veelvuldig gebruikte smalle fiets- en wandelpaden. Op deze manier zal geen ergernis kunnen verwekt worden bij wandelaars of fietsers die hun pad vernield vinden na de doortocht van een groep ruiters.
  3. Inhalen en kruisen van andere ruiters, voetgangers en fietsers zal steeds op stap gebeuren. Het paard is een kudde- en vluchtdier en heeft natuurlijke reacties desbetreffend. Het ingehaalde of tegenliggend paard kan jong of nog niet volledig geleerd resp. ervaren zijn, ook de ruiter of menner kan nog onervaren zijn, en daarom is …de stap (!) steeds aangewezen.
  4. Even onplezierig is het voor wandelaars of fietsers als zij door niets ontziende ruiters worden bestoft of beslijkt.
  5. Wordt er op onverharde wegen gereden dan zal men steeds gebruik maken van het middengedeelte tussen de wagen- en/of autosporen. Begrip van de ruiter voor wandelaars, fietsers en automobilisten kan ertoe bijdragen dat zij op hun beurt begrip opbrengen voor de ruiters.
  6. Tegenover gastheren gedraagt een VVR-lid zich steeds als “gast”.
  7. Op een rijbaan worden de wellevendheidsregels binnen de rijbaan gerespecteerd.
  8. Ieder lid die zich opzettelijk schuldig maakt aan inbreuk op de regels van wellevendheid, stelt zich bloot aan tijdelijke of definitieve uitsluiting van de VVR-activiteiten en manifestaties.


9. Inrichten van activiteiten

  1. De VVR zelf kan geen tochten, manifestaties of activiteiten inrichten. Er is steeds iemand verantwoordelijk tegenover manege-uitbaters, vervoerders, verhuurders. Deze persoon kan zijn:
    1. Een lid van de Raad van Bestuur in geval de activiteiten zich op verenigingsvlak afspelen en/of gecoördineerd worden
    2. Een lid van de Raad van Bestuur van een VVR-vereniging respectievelijk Hippoclub in geval de activiteiten zich regionaal, lokaal of op clubvlak afspelen en/of gecoördineerd worden
    3. Een gebrevetteerd VVR-gids of meester-trekruiter voor de activiteiten en tochten onder zijn/haar verantwoordelijkheid
    4. Een individueel lid in geval deze alleen of met vrienden een activiteit inricht
  2. Bij het bekendmaken van de activiteiten en manifestaties zal steeds uitdrukkelijk vermeld worden wie de inrichter is (adres, telefoon, plaats en uur van vertrek en aankomst, welke en hoeveel deelnemers er kunnen aanvaard worden).
  3. Naast dit Huishoudelijk Reglement is er eveneens een “VVR-Trektochten-Reglement” dat de meeste praktische punten van het Huishoudelijk Reglement overneemt en aanvult met praktische richtlijnen betreffende de tochten, het correct handelen en de wellevendheid tegenover derden en deelnemers. Dit ten behoeve van externe inrichters en verenigingen resp. clubs. Dit VVR-Trektochten-Reglement wordt opgesteld door de Pedagogische Commissie als ondersteuning voor alle VVR-kaderleden en inrichters.
  4. Bij twijfel over de rijvaardigheid heeft de organisator resp. de verantwoordelijke het recht om voor het vertrek de deelnemer aan een kleine rijvaardigheidsproef te onderwerpen en hem/haar desgevallend te weigeren. Dit geldt eveneens voor paarden welke schijnbaar niet in optimale gezondheid of paraatheid (uitrusting, beslag) verkeren en deze (zoals hierboven uitdrukkelijk werd vermeld) te laten onderzoeken door een veearts resp. een hoefsmid en eventueel een deelnameverbod op te leggen. In eerder vermelde gevallen zal het inschrijfgeld niet terugbetaald worden.


10. Kaderwerking

Zoals gesteld in artikel 3 “Beheer” kunnen alle gediplomeerde VVR-begeleiders, gidsen en meester-trekruiters deel uitmaken van, en zetelen in, de Pedagogische Commissie voor zoverre zij hiervoor hun kandidatuur stellen en in orde van lidmaatschap zijn. Uit hun middens wordt door het VVR_Bestuur de leden van de Pedagogische Commissie verkozen respectievelijk aangesteld.. Zij functioneren als raadgevend comité voor het dagelijks bestuur en werken mee aan het behalen van de 3 hoofddoelstellingen van de Pedagogische Commissie zijnde het (mede)bepalen van de pedagogische aanpak, adviescommissie en ondersteuning van het bestuur bij belangrijke beslissingen en/of betwistingen en uiteindelijk als disciplinaire en/of tuchtcommissie.

De VVR bestaat uit vrijwilligers en is een géén winstgevende organisatie. Niettemin hebben de begeleiders, respectievelijk gidsen en/of organisatoren het mogelijkheid om alle kosten en/of uitgaven voor meerdaagse tochten welke werden gemaakt in het belang van de groep te verhalen op de participanten. Deze kostenvergoeding zal bij eventuele betwisting onder een open-calculatie-vorm gerechtvaardigd worden.

De VVR is géén reisbureau en niet bevoegd voor privé initiatieven en/of commerciële organisaties.